Depressiviteit

Depressiviteit is een ziekte die te herkennen is aan een sombere stemming en verlies van lust en plezier in het leven.

Algemene kenmerken

De sombere stemming en het verlies aan lust en plezier in het leven zijn de belangrijkste kenmerken van depressiviteit. Daarnaast zijn er nog andere (zeker geen onbelangrijke) kenmerken van depressiviteit.
Als iemand werkelijk leidt aan depressiviteit, zijn één of meerdere van de volgende symptomen ook van toepassing:

  • problemen met slapen
  • vermoeid zijn en weinig energie hebben
  • prikkelbaar zijn
  • schuldgevoelens
  • gevoel van waardeloosheid/hopeloosheid/hulploosheid
  • minder lustgevoelens
  • suïcide neigingen of gedachten (of ‘gewoon’ gedachten over de dood)
  • besluiteloosheid
  • traagheid
  • onrust
  • toename of afname van het huilen
  • lichamelijke klachten zonder oorzaak
  • vergeetachtigheid
  • concentratieproblemen
  • toegenomen of afgenomen eetlust (of duidelijke verandering in het gewicht)

Deze symptomen moeten in sterke mate voorkomen en ook een negatief effect hebben op het (functioneren in) dagelijks leven.

DSM-IV-criteria

DSM (Diagnostic and Statistical Manual of Mental Disorders) is een handboek dat in de meeste landen wordt gebruikt bij het diagnosticeren van een psychische stoornis. Dit boek geeft criteria waar iemand aan moet voldoen om daadwerkelijk de diagnose te krijgen van die stoornis. De criteria voor depressiviteit zijn als volgt (volgens het DSM-IV, het vierde boek van DSM):

a) Het kind heeft een depressieve episode van tenminste twee weken gehad met tenminste vijf van de volgende symptomen:

  • Het kind is neerslachtig, verdrietig, somber, huilerig.
  • Het kind heeft alle belangstelling verloren voor, en plezier in dingen die hij tot dusver graag deed.
  • Het kind heeft veel minder of veel meer eetlust dan gewoon en is afgevallen of aangekomen.
  • Het kind kan moeilijk in slaap komen of het slaapt te veel.
  • Het kind is zo geagiteerd en rusteloos, of zoveel trager dan anders, dat het anderen is gaan opvallen
  • Het kind is moe en heeft nergens energie voor.
  • Het kind voelt zich nietswaardig en heeft uitzonderlijke schuldgevoelens over dingen die het al dan niet gedaan hebt.
  • Het kind kan zich moeilijk concentreren, helder denken of besluiten nemen.
  • Het kind heeft het gevoel dat het dood beter af zou zijn of het denkt aan zelfdoding.

b) Deze symptomen zijn ernstig genoeg om het dagelijks leven in de war te sturen, behoorlijk problemen te geven bij bv. school
c) De depressie heeft geen specifieke oorzaak zoals alcohol, drugs, medicijngebruik of een fysieke ziekte.
d) Je depressie is niet slechts een normale reactie op het overlijden van iemand die je dierbaar was.

Verschillende soorten depressies

Er zijn verschillende soorten depressies. Elk van deze depressies hebben een eigen oorzaak en eigen gevolgen.

Unipolaire depressie

Ook wel de ‘gewone’ depressie genoemd.
Bij deze depressie is een langdurige periode van somber- en neerslachtigheid.

Deze vorm van depressie kan vanzelf overgaan of door middel van een behandeling. Toch komt bij de helft van de mensen de depressie weer terug. Zo kan deze depressie veranderen in een chronische depressie.

Bipolaire depressie

Deze depressie is beter bekend als ‘manische depressiviteit’. Hierbij is geen sprake van een lange periode van somberheid, maar heeft het schommelingen. Het kan wisselen van zeer somber en teruggetrokken tot zeer actief en uitbundig.

De gevolgen van deze depressie kunnen erg groot zijn, zowel voor de persoon zelf als voor de mensen in diens omgeving.
Deze mensen moeten proberen om te gaan met de plotselinge wisselingen in de stemming van de persoon. Ze moeten kunnen omgaan met beide extremen.

Vaak worden mensen die leiden aan deze vorm van depressie opgenomen in een psychiatrische instelling, hier wordt het dan behandeld, want deze depressie is goed te behandelen. Bij de behandeling is de medicatie belangrijk maar nog meer de motivatie van de patiënt zelf. Deze moet zijn aandoening onder ogen zien en kunnen accepteren zodat ze verder kunnen gaan met de behandeling. Ook de omgeving van de persoon moet dit doen.

Chronische depressiviteit

Chronische depressiviteit is een vorm van unipolaire depressie, maar de symptomen zijn minder vaak en minder sterk aanwezig. Een unipolaire depressie wordt een chronische depressie wanneer de persoon 2 jaar of langer last heeft van de klachten.
Net als bij de bipolaire depressie is er een schommeling tussen sombere en beter periodes.

Als iemand last heeft van: te weinig of teveel eetlust, vermoeidheid, slapeloosheid of teveel slapen, hopeloosheid, besluiteloosheid, concentratieproblemen en minder eigenwaarde, kan er sprake zijn van chronische depressiviteit.

De oorzaken van chronische depressiviteit kunnen erg verschillen. Gebeurtenissen van lichamelijk en seksueel gebruik tot een persoonlijkheidsstoornis kunnen leiden tot deze vorm van depressie.
Chronische depressiviteit is niet iets dat zomaar overgaat, er moet wat aan gedaan worden. Zonder enige hulp kan het een periode iets beter gaan, maar daarna is het weer als vanouds. Het slikken van antidepressiva zorgt ervoor dat de klachten verminderen, maar de depressie blijft bestaan. Je kunt ook leren de depressie onder controle te hebben, dit kan met behulp van psychotherapie.

Oorzaken depressies

Depressies bij kinderen ontstaan door biologische, psychologische, cognitieve en gezinsomstandigheden (systeemfactoren).

Biologisch

Genetische factoren spelen een rol bij het ontstaan van depressieve stoornissen bij kinderen. Als een ouder depressief is of een psychische ziekte heeft, heeft het kind ook meer kans om dit te krijgen.

Het is nog niet duidelijk of kinderen met bepaalde karaktereigenschappen (zoals agressief of onrustig reageren) meer kans heeft om een depressie te ontwikkelen. Wel is al gebleken dat kinderen met een lichamelijke ziekte of klachten (bijvoorbeeld chronische hoofdpijn) eerder depressiviteit ontwikkelen.

Bij adolescenten schijnen de hormonen ontregelt geraakt te zijn bij een depressie.
Al met al is er nog te weinig onderzoek gedaan bij kinderen met een depressie en is het nog heel onduidelijk welke biologische factoren meespelen bij het ontwikkelen ervan.

Psychologisch, cognitief

Soms wordt een depressie opgevat als een denkstoornis.
Als het kind vroeger iets negatiefs heeft meegemaakt, gaat hij een bepaald beeld over zichzelf schetsen die helemaal niet waar hoeft te zijn. Dit beeld roept depressieve gevoelens op. Deze verkeerde schema’s worden vervolgens gebruikt om de wereld en alles wat daarin gebeurt een betekenis te geven. Zo kan iemand depressief worden na een afwijzing, als hij al dit schema had: ‘geliefd zijn is belangrijk om gelukkig te worden’.
Door deze negatieve schema’s ontstaan automatisch negatieve gedachten.

Negatieve gebeurtenissen gebeuren niet toevallig. Uit onderzoek is gebleken dat ze veelal in dezelfde families voorkomen. Het is dus mogelijk dat het wordt beïnvloed door genetische factoren.

Gezinsomstandigheden

Gezinnen waarin iemand depressief is heeft bepaalde kenmerken, namelijk: meer ruzies, afwijzing en communicatieproblemen. Ook is er minder emotionele ondersteuning.
Hoe het gezin functioneert heeft invloed op depressie.

Mogelijke oorzaken depressies

Depressies kunnen veroorzaakt worden op individueel, levensgeschiedenis en omgevingsniveau. Dit zijn mogelijke oorzaken:

Individueel niveau

  • Genetische bepaalde kwetsbaarheid.
  • De jongere staat op een bepaalde manier open voor negatieve gebeurtenissen, meer dan een normaal kind.
  • Problemen bij het ontwikkelen van een positief zelfbeeld.
  • Spanningen in de ouder-kindrelatie of hechtingsproblematiek.
  • Aanmaken van verkeerde schema’s; hierdoor krijgen ervaringen meteen een negative lading.
  • Ingehouden en teruggetrokken. Ook heeft hij neiging tot agressie-remming.
  • Ziekte of een handicap, waardoor het kind ervaart dat het bepaalde dingen niet kan en daar ongelukkig van wordt.
  • Bij meisjes is in de adolescentiefase meer kans op depressie, vooral als ze al eerder een depressie heeft gehad.

Levensgeschiedenis

  • Ervaringen met verlies door dood, echtscheiding of verhuizing.
  • Opgelopen trauma door ongeluk of een ramp.
  • Discriminatie op grond van ras, sekse of culturele achtergrond.

Omgeving

  • Ouder met een depressie of psychiatrische ziekte.
  • Chronische lichamelijke ziekte of handicap van een ouder, waardoor er te weinig aandacht is voor het kind.
  • Opvoedingsstijl (afwijzing; inperking van individualiteit; niet goed emotioneel bereikbaar; niet-reële prestatieverwachtingen).
  • Ervaringen met seksueel misbruik of mishandeling
  • Gepest worden en andere omgangsvormen.

Uiting depressies bij kinderen

Hoe de depressie tot uiting komt bij het kind kan verschillen van die van volwassenen. Vaak gaat een depressie bij kinderen samen met angststoornissen, gedragsstoornissen, eetstoornissen en middelengebruik (drugs).

20% tot 50% van alle jongeren met een depressie heeft een diagnose met tenminste twee samengaande stoornissen.
Een veel voorkomende uiting van depressies bij kinderen zijn huil- en protestbuien.

Kleuters en kinderen

Bij kleuters en kinderen uit een depressie zich vaak door verdriet, prikkelbaarheid, agitatie, angst.

Het gedrag van kinderen met een depressie kan oppositioneel zijn. Ook kunnen ze agressief zijn en bijvoorbeeld veel vechten. Door deze gedragingen zijn de depressieve kinderen soms moeilijk te onderscheiden van kinderen met een oppositioneel opstandige gedragsstoornis.
Om na te gaan waardoor het gedrag is ontstaan kan uitgezocht worden waar nou echt sprake van is. Als het gedrag goed te herleiden is tot een duidelijke oorzaak (dood, pesten, scheiding, tekort aan aandacht), dan is er meestal sprake van een depressie.

Adolescenten (20-jarigen)

Bij Adolescenten uit een depressie zich vaak in matte droefheid, prikkelbaarheid, abnormale somberheid, lusteloosheid, ongeïnteresseerdheid, onvermogen nog ergens van te genieten.

Depressieve jongeren hebben meestal een laag zelfbeeld. Ze hebben te hoge normen, waardoor hun gedrag door henzelf snel als niet-goed wordt bestempeld. Ze hebben het gevoel dat ze hun gedachten en gedrag niet kunnen sturen en denken daardoor vaak dingen als dat de gebeurtenis vast catastrofaal afloopt; steeds verwachten dat er iets negatiefs gebeurt.

Verschil jongens en meisjes

Er is verschil in depressies tussen jongens en meisjes. Dit heeft te maken met de verschillende hormonen. Maar ook met psycho-sociale factoren en sociaal-culturele verwachtingen.

Jongens en meisjes verschillen in het uiten van hun depressieve gevoelens. Jongens zullen het niet zo snel laten zien, omdat dat niet hoort bij het beeld over jongens wat mensen hebben. Hierdoor zullen ze zichzelf gaan overschreeuwen en is het minder goed te herkennen dat er sprake is van een depressie. Meisjes zullen zich juist eerder terugtrekken. Dit gedrag wordt echter vaak gezien als ‘meisjes eigen’, waardoor de depressie weer over het hoofd kan worden gezien.

Praktische aanpak van depressies bij kinderen

Het kind moet het gevoel terugkrijgen dat het gewaardeerd wordt, laat hem dit herwinnen in een gestructureerde omgeving.
Geef extra veel positieve aandacht.

Activeer tot spel, doe enthousiast, stimuleer hem iets te ondernemen. In beweging blijven is heel belangrijk voor een depressief kind.
Verhoog het competentiegevoel van het kind: hij kan het wel! Spreek daarbij positieve verwachtingen uit.

Veilige omgeving

Bied een veilige omgeving. Maak duidelijk dat je er voor het kind bent, zonder je daarbij aan hem op te dringen.
Als je merkt dat de problemen ernstig(er) worden, neem dan zo snel mogelijk contact op met een deskundige.

Oppositioneel gedrag herkennen

Probeer oppositioneel gedrag te herkennen. Kijk waarom het kind vecht, het kan een uiting van depressie zijn. Op die momenten moet je het gedrag niet straffen, maar moet je juist proberen in te leven in de gevoelens van het kind.

Cognitieve gedragstherapie

Cognitieve gedragstherapie helpt voor het vervormen van gedachten en helpt ook voor het vergroten van het zelfvertrouwen van het kind. Het krijgt meer inzicht en kan daardoor beter probleemoplossende strategieën gebruiken.
Help negatieve gedachten om te bouwen in positieve. Praat open over de zelfmoordgedachten van het kind.
Verwijs zo snel mogelijk door.

Gezinsbegeleiding

Omdat er systematische aspecten zitten in de depressie van het kind, kan het zijn dat ook de ouders in gezinsbegeleiding moeten. Houd alle wegen open en wees niet bang voor ‘geheimhoudingsafspraken’.
Uiteindelijk moet het kind geholpen worden.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *