ADD

Gedachten ordenen

Kinderen met ADD vallen over het algemeen niet erg op. Met name thuis komen de problemen die samenhangen met ADD goed naar voren. Een kind met ADD komt vaak dromerig, ongeïnteresseerd en ongemotiveerd over.

Ze hebben over het algemeen enorm veel moeite om de eigen gedachten te ordenen, waardoor ze zich moeilijk kunnen concentreren op relevante zaken.

ADD is als ADHD zonder hyperactiviteit

Er wordt wel eens verwezen naar ADD als ADHD zonder hyperactiviteit en impulsiviteit, toch zijn er veel meer verschillen, zie ook add is anders dan adhd. Bij een deel van de mensen met ADD gebeurt het dat ze zich als het nodig is kunnen hyper focussen op bepaalde dingen. Dit houdt in dat ze zich enorm intens kunnen concentreren op een bepaald onderwerp, wat vaak zoveel energie kost dat andere dingen niet meer lukken.

Voor veel kinderen is ADD erg moeilijk, juist omdat het niet zichtbaar is en uiterlijk vertoon zoals bij ADHD vaak het geval is, ontbreekt.

Verslavingsgevoelig

Men schat dat 1 tot 4% van de mensen de diagnose ADD zouden kunnen hebben. Meestal wordt ADD pas een probleem op de middelbare school, als de verwachtingen hoger zijn en aandacht een belangrijkere rol speelt.

Kinderen met ADD zijn vaak iets verslavingsgevoeliger, het is raadzaam daar goed op te letten.

Oorzaken ADD

ADD krijg je met de geboorte mee, het zit in de genen en heb je overgeërfd van je ouders of van je grootouders.

ADD is geen ziekte en wordt ook niet veroorzaakt door bijvoorbeeld een verkeerde manier van opvoeden. Ook is het niet een karaktertrek van het kind.

ADD kun je niet laten stoppen door op een bepaalde manier je kind te straffen of iets op te offeren. Ook kan het kind niet door bijvoorbeeld wilskracht zichzelf veranderen en de ADD ‘doen ophouden’.
Sommige dingen kunnen wel meewerken aan de ontwikkeling van ADD. Dat betekent dat het kind wel al ADD had, maar door bijvoorbeeld alcohol gebruik van de moeder tijdens de zwangerschap de ADD wel verergert. Ook kan een zwaar ongeluk of een te vroeg geboorte daartoe leiden.

Prognose add

Een klein aantal kinderen met ADD groeit over de stoornis heen in de puberteit, maar over het algemeen blijft de stoornis aanhouden. Dan wordt het ADD-RT (Residuel Type) genoemd.

Een goede begeleiding en behandeling kan er wel voor zorgen dat de kinderen beter met de symptomen kunnen leren omgaan.

Gedachten op orde houden

Kinderen met ADD vinden het moeilijk om hun gedachten op orde te houden. Ze vinden het daarom prettig om zich terug te trekken op een rustig plekje.
Verder zijn ze overgevoelig voor dingen uit de omgeving, zoals bijvoorbeeld licht en geluid, en worden daardoor afgeleid. Kinderen met ADD worden daardoor vaak als dromerige types gezien.

Hyperfocussen

Kinderen met ADD kunnen wel tijdelijk hun concentratie verscherpen. Dit wordt hyperfocussen genoemd en kost ze heel veel energie. Wel kunnen ze hierdoor op bepaalde gebieden hele goede resultaten behalen.

Kinderen met ADD hebben vooral moeite met het plannen en organiseren van taken. Het kind komt moeilijk op gang met het uitvoeren van de taak.
Kinderen met ADHD hebben last van hyperactiviteit. Kinderen met ADD hebben dat eigenlijk ook, alleen zie je dat niet in het gedrag terug. Die hyperactiviteit hebben de kinderen in hun hoofd. Omdat alles zoveel energie kost zijn kinderen met ADD snel moe en kunnen moeilijk in slaap komen.

De meest voorkomende kenmerken van ADD op een rijtje:

  • Gevoelig en emotioneel. Veel kinderen met ADD hebben ook last van stemmingswisselingen.
  • Chaotisch, ongestructeerd en vaak slordig. Opruimklusjes worden niet of slecht uitgevoerd, maar niet uit onwil.
  • Kinderen met ADD ontwijken vaak grote groepen en trekt zich graag terug. Het kind is liever wat op de achtergrond.
  • Het kind kan ergens helemaal in opgaan, bijvoorbeeld in een bepaalde interesse. Daar heeft hij dan ook grote passie voor.
  • Iemand met ADD kan zich moeilijk concentreren op een opdracht en is ook snel afgeleid. Daardoor kan het kind slecht aanwijzingen opvolgen. Ook heeft het kind moeite met luisteren en stilzitten.
  • Kinderen met ADD kunnen zichzelf vaak moeilijk motiveren. Ook anderen hebben vaak moeite om ze te motiveren om een opdracht goed uit te voeren.
  • Het kind is creatief en probleemoplossend ingesteld.
  • Het kind is erg onzeker over zichzelf en is daarnaast erg perfectionistisch.
  • Het kind is veel in gedachten, staart veel of is veel aan het dagdromen. Daardoor lijkt het alsof het kind veel afwezig is.
  • Het kind probeert altijd ver vooruit te denken.
  • Situaties ‘overkomen’ iemand met ADD; het wordt overspoelt met informatie. Dingen die moeten gebeuren, worden uitgesteld tot het laatste moment.

De Voordelen van ADD

Het hebben van ADD heeft ook een aantal voordelen. Zo kunnen deze kinderen zich goed inleven in anderen, hebben ze vaak een goede intuïtie en kunnen ze situaties vanuit verschillende perspectieven bekijken. Het kind kan erg creatief zijn en is kan zich goed inzetten bij dingen waarin hij echt geïnteresseerd is.
Doordat het kind perfectionistisch is, is het uiteindelijke resultaat van een taak maximaal. Ook kan het kind met creatieve oplossingen aan komen zetten.

Tieners met ADD

Tieners met ADD verliezen vaak het overzicht bij het leren van toetsen. Omdat ze zoveel uitstellen, leren ze toetsen pas op het allerlaatste moment. Het leren gaat niet makkelijk, omdat ze slecht kunnen onthouden wat ze net gelezen hebben. Alleen voor vakken waarin ze geïnteresseerd zijn kunnen ze goede cijfers halen.

Deze tieners hebben een hekel aan gym en balspelletjes. Als ze thuiskomen zijn ze moe.
Tieners met ADD gaan te laat slapen, omdat ze niet in slaap komen. Om hun heen is het over het algemeen een rommel en ze veranderen vaak hun kamer, vaak zijn ze hun spullen kwijt. Ook zitten ze daar graag in hun eentje.

Tieners met ADD hebben het gevoel dat ze anders zijn dan de rest en verwachten veel van vriendschappen. Deze tieners zijn regelmatig wat chagrijnig.

Verschillen tussen ADD en ADHD

ADD is anders dan ADHD. Maar het verschil is niet alleen dat deze kinderen niet hyperactief zijn. Er zijn meer verschillen. De problemen zijn net iets anders, waardoor ook de aanpak van de problemen anders moet zijn.

ADD is niet ADHD zonder de hyperactiviteit, maar verschilt op een aantal belangrijke punten met ADHD.
Dat zijn:

ADD
ADHD
Het kind kan moeilijk op gang komen bij een opdracht
Het kind kan moeilijk rustig aan doen wanneer het ergens mee bezig is.
Het kind kan slechts één ding tegelijk doen.
Het kind doet meerdere dingen tegelijk, waardoor veel ‘half’.
Het kind heeft vrij veel wisselende en verschillende activiteiten.
Het kind doet dingen zonder daarbij over de gevolgen na te denken
Hypo-actief (geconcentreerd op één onderwerp of interesse).
Hyperactief.
Het kind dagdroomt veel. Zit veel in zijn eigen gedachten en fantasie.
Het kind is juist snel afgeleid door prikkels van buitenaf.
Het kind werkt en denkt langzaam.
Het kind gaat met een rap tempo door verschillende werkzaamheden heen.

Criteria voor ADD

DSM (Diagnostic and Statistical Manual of Mental Disorders) is het meest gebruikte handboek bij psychische aandoeningen. Dit handboek wordt meestal gehanteerd bij het stellen van een diagnose. Het handboek verbindt verschillende criteria aan psychische aandoeningen, zodat vastgesteld kan worden of iemand ook daadwerkelijk deze aandoening heeft.

Voor ADD wordt de DSM-IV criteria van de ADHD gebruikt, maar dan zonder de hyperactiviteit.
Volgens de DSM-IV zijn de kenmerken van het type ADD:

  • Het kind is snel afgeleid door dingen en geluiden die niet belangrijk zijn voor waar ze mee bezig zijn (bijv. mensen die buiten aan het werk zijn);
  • Het kind heeft moeite met dingen plannen en het organiseren van bijvoorbeeld werk of taken;
  • Het kind heeft problemen met het afmaken van taken en op tijd klaar kunnen zijn;
  • Het kind kan zich niet goed concentreren op details en maakt hierdoor slordige fouten;
  • Het kind kan bijna nooit de uitleg goed opvolgen en zal dingen missen;
  • Het kind verliest of vergeet van alles, zoals sleutels, portemonnee, en spullen die nodig zijn om een opdracht uit te voeren.

Diagnosticeren van ADD

ADD wordt gediagnosticeerd aan de hand van de DSM-IV. De DSM-IV gaat uit van het bekijken van gedragsbeelden en symptoombeelden van het kind.

Daarnaast zou je ook op een neurobiologische manier ADD kunnen diagnosticeren, alleen gebeurt dat in Nederland niet op die manier.
De hersengolven kunnen in beeld worden gebracht met een QEEG. Zo kan er precies bekeken worden op welke plaats in de hersenen van het kind de verstoringen zitten. De QEEG kan een objectieve bevestiging geven van ADD, maar ook van ADHD.
Verder is het ook nog mogelijk om een diagnose te stellen aan de hand van SPECT-scans en PET-scans.

Op internet kan je vele test vinden voor zelf diagnose. Wil je een officiële diagnose, dan moet je naar een specialist gaan die daarin is gespecialiseerd. Je komt daar via bureau Jeugdzorg of je huisarts.

Psycho-educatie

In eerste instantie is het belangrijk dat het kind, maar vooral ook de ouders weten wat ADD precies inhoudt.

Je moet begrijpen dat de hersenen van het kind anders werken en dat het niks met de manier van opvoeden te maken heeft. Vaak verwijten ouders zichzelf dat ze het niet eerder gezien hebben of hebben ouders moeite om precies te begrijpen wat ADD inhoudt.

Inmiddels is gelukkig heel veel informatie over ADD te vinden. Het is belangrijk om deze informatie met je kind te delen en het kind hierbij te betrekken door zoveel mogelijk uitleg proberen te geven.

Begeleiding

Kinderen met ADD kunnen begeleid worden om met hun beperkingen om te leren gaan. Ook kunnen ze begeleid worden in die dingen die ze niet aan kunnen leren. Zo kan er structuur aangebracht worden in hun leven, zodat ze minder chaos hoeven te ervaren.
Ook het gezin kan problemen ervaren door het kind met ADD. Soms kan er ook begeleiding in huis plaatsvinden, zodat iedereen zijn plekje kan vinden in deze situatie.

Medicatie

Er bestaan medicijnen die de chaos in het hoofd van het kind met ADD minder kunnen maken. Voor elk kind is de uitwerking anders. Samen met een arts/psychiater kun je onderzoeken welk soort medicijn het beste aanslaat bij je kind.

Contact met andere kinderen met ADD

Kinderen met ADD kunnen zich anders voelen dan andere kinderen. Ze worden soms ook niet begrepen en kunnen een buitenbeentje worden.
Soms is het goed voor zo’n kind om in contact te komen met andere kinderen die hetzelfde probleem hebben. Ze kunnen hun ervaringen delen en voelen zich begrepen. Dat is goed voor hun zelfvertrouwen.

Psychotherapie

Kinderen met ADD hebben vaak weinig zelfvertrouwen. Dat komt doordat ze vaak worden veroordeeld om wie ze zijn, terwijl ze daar niks aan kunnen doen. Met behulp van psychotherapie kan er gewerkt worden aan het zelfbeeld van het kind. Samen met een hulpverlener wordt er dan gekeken naar de voordelen van het hebben van ADD en van daaruit wordt de persoonlijkheid van het kind verder ontwikkeld. Het kind leert dat het zich niet altijd hoeft aan te passen aan de anderen, maar dat anderen ook rekening kunnen houden met hem.

Tips voor het omgaan met een kind met ADD

Zorg dat er duidelijke (huis)regels voor het kind zijn.

  • Geef korte en duidelijke opdrachten, zodat het voor het kind te overzien is. Help je kind het overzicht te bewaren.
  • Maak leerstof en opdrachten duidelijk door het visueel te maken, bijvoorbeeld door middel van tekeningen en kleuren.
  • Geef het kind zelfvertrouwen.
  • Zorg voor structuur en regelmaat in het leven van je kind. Ook als het kind zelf mag bepalen wat het doet, moet je zorgen dat het overzichtelijk blijft voor je kind.
  • Bereid je kind voor op nieuwe omgevingen.
  • Geef je kind de ruimte om zelf creatief bezig te zijn en zich terug te trekken op zijn eigen plekje als het daar behoefte aan heeft.
  • Spreek rustig en met zachte stem tegen je kind.
  • Geef het kind op school extra tijd als het dat nodig heeft. Doordat de concentratie minder is, zal het meer tijd nodig hebben om een taak af te maken.
  • Train je kind om te leren concentreren op de momenten dat het echt nodig is. Dit kun je doen door bij belangrijke dingen vooraf aan te geven dat het belangrijk is. Zo kan je kind prima leren opletten op de juiste momenten.
  • Geef je kind na afloop de ruimte om dingen rustig te verwerken en verwacht niet direct een reactie.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *